De Stoïcijnse Belofte

Wat gebeurt er als je leeft volgens de Stoïcijnse filosofie? Uitleg en 9 stoïsche oefeningen [gratis e-book]


1381 keer gelezen sinds
37
minuten leestijd
37
minuten leestijd
1381 keer gelezen sinds

Voor wie de wereld liever observeert door de lens van rede dan door een waas van emoties, is er een filosofie die al eeuwenlang standhoudt: het Stoïcisme. Deze denkwijze helpt mensen om veerkrachtig, helder en evenwichtig te blijven — niet ondanks, maar juist dankzij de uitdagingen die het leven opwerpt.

Het gaat niet alleen over persoonlijk geluk, maar ook over het vormen van innerlijke stabiliteit, het cultiveren van deugd, en het nemen van volwassen verantwoordelijkheid. Misschien is dat precies waarom deze filosofie nog steeds relevant voelt in een wereld die vaak overspoeld wordt door reactiviteit.

De grootste misvatting

Voordat we de diepte ingaan, moet eerst een hardnekkig misverstand worden rechtgezet:

Stoïcijnen zijn niet emotieloos — ze zijn helder

Het beeld van de Stoïcijn als een gevoelloze rots komt voort uit hoe zij omgaan met tegenslag. Ze vluchten niet voor emoties, maar oefenen zich in het reguleren van emotionele impulsen. Het verschil is subtiel, maar fundamenteel: het is niet het onderdrukken, maar het beteugelen van wat je voelt. Door de intensiteit van een eerste opwelling te herkennen — en er niet automatisch naar te handelen — ontstaat ruimte voor verstandige keuzes. En dat maakt hen niet kil, maar juist opmerkzaam en mentaal krachtig.

Alvast 5 van de belangrijkste punten

  • Tegenspoed oefenen helpt je om angst voor verlies en ongemak te overwinnen.

  • Waarneming trainen verandert obstakels in kansen voor innerlijke groei.

  • Memento Mori herinnert je eraan dat het leven eindig is en dus nu geleefd moet worden.

  • Premeditatio Malorum maakt je mentaal veerkrachtig door je voor te bereiden op tegenslag.

  • Amor Fati leert je om niet alleen te accepteren wat gebeurt, maar het actief te omarmen.

Wat is Stoïcisme dan wél?

Het is een praktische levenshouding die discipline koppelt aan inzicht. Stoïcijnen vragen zich niet af hoe ze zich voelen, maar of hun reactie juist is. Ze leven niet gevoelloos, maar gedragen zich bewust ondanks wat ze voelen. En dat is een verschil dat tegenwoordig maar al te vaak verloren gaat in discussies over authenticiteit en spontaniteit.

Dus hoe pas je het toe? Wat betekent het om vandaag de dag een Stoïcijn te zijn? En wat kunnen we leren van de denkers die deze filosofie vormgaven?

Stoïcisme als hulpmiddel voor innerlijke beheersing in een emotioneel tijdperk
Stoïcisme als hulpmiddel voor innerlijke beheersing in een emotioneel tijdperk

Waarom mannen extra baat hebben bij emotiebeheersing

Emotionele impulsiviteit en mannelijke kwetsbaarheid

Een significant deel van mannelijke gevangenen blijkt moeite te hebben met emotieregulatie. Volgens cijfers uit het VK (University of Cambridge) worstelt maar liefst 78% van de mannelijke gedetineerden met deze vaardigheid. En dat is geen toeval — het zegt iets fundamenteels over hoe jongens opgroeien, over verwachtingen, en over wat we hen wel of juist niet leren.

Gebrek aan controle over woede, frustratie of angst kan leiden tot impulsief gedrag, met destructieve gevolgen. Het is een probleem dat niet begint in de cel, maar vaak al in de opvoeding. Wat ontbreekt, is niet per se moraliteit — maar de vaardigheid om tijd te creëren tussen stimulus en reactie.

Stoïcisme als mentale training

Juist hier komt het Stoïcisme binnen als een vorm van mentale oefening. Het leert om de eerste golf van woede of paniek te observeren — en te laten uitdoven voordat die tot actie leidt. Die rem is essentieel, want neurologisch gezien is de prefrontale cortex — verantwoordelijk voor impulscontrole — bij jonge mannen nog volop in ontwikkeling (bron). Wat voor volwassenen vanzelfsprekend lijkt, is dat voor jongeren neurologisch nog helemaal niet.

In die zin is het Stoïcisme geen filosofie van afstandelijkheid, maar een oefenterrein voor innerlijke volwassenheid.

Historische grond en modern nut

Het is opmerkelijk hoe vaak leiders zich lieten inspireren door deze denkwijze. Marcus Aurelius, George Washington, Theodore Roosevelt — allen vonden in het Stoïcisme een baken van rust en richting. Hun brieven, dagboeken en toespraken ademen dezelfde kernwaarden: beheersing, discipline en de moed om stand te houden als het moeilijk wordt.

Als je niet weet waar je naar streeft, zul je nooit weten wanneer je hebt bereikt wat ertoe doet. ~ Jordan Peterson

Misschien is dat wat ons in deze tijd opnieuw aantrekt in het Stoïcisme: het biedt geen comfort, maar helderheid. Het vraagt niet om minder voelen, maar om beter waarnemen — en handelen vanuit volwassenheid, zelfs wanneer dat moeilijk is.

De persoonlijke dagboeken van een Romeinse keizer, de brieven van een politiek adviseur, en de lessen van een voormalige slaaf: het lijkt haast onwerkelijk dat zulke documenten meer dan twee millennia later nog worden gelezen. En toch vormen juist deze bronnen — van Marcus Aurelius, Seneca en Epictetus — de ruggengraat van een filosofie die nog altijd niets aan kracht heeft verloren: het Stoïcisme.

Wat ooit een levendige en alledaagse praktijk was onder Romeinse burgers — van elites tot arbeiders — is vandaag de dag vaak verkeerd begrepen of volledig vergeten. En misschien is dat ook niet zo vreemd: een naam als “Stoïcisme” klinkt afstandelijk, zwaar en kil. Maar onder die naam schuilt een actiegerichte levensvisie die niet draait om afstand nemen van het leven, maar juist om erin te blijven staan — bewust, standvastig en met een helder innerlijk kompas.

De blijvende waarde van Stoïcisme als richtinggevend levenskompas
De blijvende waarde van Stoïcisme als richtinggevend levenskompas

Voor veel moderne mensen lijkt het idee van filosofie ver weg van de realiteit. Iets voor dromers of professoren. Toch heeft deze denkwijze door de eeuwen heen juist mensen aangesproken die midden in de maatschappij stonden. Stoïcisme als levenskunst sprak onder anderen George Washington, Immanuel Kant, Walt Whitman en Theodore Roosevelt aan — mensen die wisten wat het was om beslissingen te nemen onder druk. Misschien zagen zij iets in deze filosofie wat velen over het hoofd zien: een bron van innerlijke helderheid te midden van chaos.

De oude Stoïcijnen waren zelden theoretici. Marcus Aurelius schreef zijn dagboek — niet voor anderen, maar als oefening in zelfbeheersing. Epictetus, geboren als slaaf, vond vrijheid in geestelijke autonomie. En Seneca? Die schreef met een scherpte en luciditeit die nog altijd verbaast. Wat hen verbond, was niet hun positie, maar hun houding: het vermogen om kracht te vinden in het enige waar ze écht controle over hadden — hun eigen geest.

Stoïcijnse oefeningen als mentale weerbaarheidstraining
Stoïcijnse oefeningen als mentale weerbaarheidstraining

II. Hoe begon Stoïcisme?

Het begon, zoals vaker bij grote wendingen, met een crisis. In 304 v.Chr. leed de koopman Zeno schipbreuk. Hij verloor zijn handelswaar, zijn inkomen, zijn zekerheid. Maar op de ruïnes van zijn vorige leven bouwde hij iets nieuws. “Ik maakte een voorspoedige reis toen ik schipbreuk leed,” grapte hij later.

Zeno kwam in Athene in aanraking met denkers als Crates en Stilpo, en begon zijn eigen pad te formuleren. Niet vanuit dogma, maar vanuit ervaring. Zijn lessen vonden uiteindelijk een thuis in de Stoa Poikile — een beschilderde zuilengalerij — waar mensen bijeenkwamen om na te denken over wat het betekent om juist te leven.

Opvallend is dat zijn volgelingen niet Zenoniërs werden genoemd. Anders dan veel andere filosofische stromingen draaide het Stoïcisme niet om de persoon van de stichter, maar om de inhoud. Dat zegt misschien alles over de essentie van de leer: laat het ego los, richt je op wat telt.

Wanneer we niet langer in staat zijn een situatie te veranderen, worden we uitgedaagd onszelf te veranderen. ~ Viktor Frankl

In een tijd waarin emoties snel oplopen, waarin impulsen beloond worden en oppervlakkigheid lonkt, is het Stoïcisme misschien wel actueler dan ooit. Niet als moreel dogma, maar als innerlijk anker. Het biedt geen snelle oplossingen, maar wel een oefening in waardigheid — in denken vóór voelen, en handelen vóór reageren.

III. Wie waren de Stoïcijnse denkers?

De Spartaanse koning Agasicles zei ooit dat hij “de leerling wilde zijn van mensen van wie hij ook graag de zoon zou willen zijn.” Het is een opvallend menselijke toetssteen voor gezag en voorbeeldgedrag. Ook als het gaat om filosofie is die vraag relevant: van wie leren we? Wie leeft zoals wij zouden willen leven? Wie straalt de samenhang uit tussen woorden en daden?

In het Stoïcisme vinden we drie figuren die tot op de dag van vandaag als moreel kompas kunnen dienen: Marcus Aurelius, Seneca en Epictetus. Elk van hen leefde onder andere omstandigheden, maar ze kwamen tot vergelijkbare inzichten — niet in theorie, maar in het vuur van persoonlijke beproeving. Misschien is dat wel wat hen zo overtuigend maakt: ze schreven niet over afstand, maar vanuit nabijheid tot het leven.

Marcus Aurelius als belichaming van filosofische leiderschap
Marcus Aurelius als belichaming van filosofische leiderschap

Marcus Aurelius: de keizer die liever leerling was

De Romeinse historicus Herodian schreef over Marcus Aurelius dat hij “zijn geleerdheid niet toonde door retoriek, maar door zijn karakter.” En dat zegt veel. Hij was geen filosoof aan het hof — hij was een leerling in de arena. In zijn dagboeken, die we nu kennen als de Meditaties, spreekt Marcus zichzelf toe. Niet om te imponeren, maar om zichzelf scherp te houden.

Marcus werd geboren in 121, zonder directe aanspraak op de troon. Maar Keizer Hadrianus herkende iets in de jonge jongen. Zijn bijnaam voor Marcus was “Verissimus” — “de meest waarachtige.” Een eerbetoon aan zijn eerlijkheid, en misschien aan zijn vermogen tot zelfonderzoek.

Toch verliep zijn pad naar leiderschap niet rechtlijnig. Pas in 161, na de dood van zijn adoptievader Antoninus Pius, besteeg Marcus de troon. Zijn regeerperiode werd gekenmerkt door uitdagingen: oorlog, ziekte, opstanden. Maar juist in die drukte hield hij vast aan zijn filosofie — als innerlijk gereedschap, niet als publiek schild.

De Britse historicus Edward Gibbon beschreef Marcus als iemand die “absolute macht combineerde met deugd.” Een combinatie die zeldzaam is — toen en nu. Want wie met macht omgaat zonder erdoor verteerd te worden, toont niet alleen karakter, maar ook zelfinzicht.

Seneca's denken als brug tussen politiek en innerlijke moraal
Seneca’s denken als brug tussen politiek en innerlijke moraal

De moed om te zijn wie je bent, is de moed om jezelf los te maken van wat je denkt te moeten zijn. ~ Erich Fromm

Het Stoïcisme biedt in deze figuren niet alleen geschiedenis, maar herkenning. Ze zijn geen perfecte voorbeelden, maar invoelbare mensen — met strijd, twijfel en verantwoordelijkheid. En misschien is dat wat echte rolmodellen onderscheidt: ze dwingen geen navolging af, maar nodigen uit tot reflectie.

Wie was Seneca?

Seneca de Jongere werd geboren rond 4 v.Chr. in het Zuid-Spaanse Corduba, als zoon van een welgestelde redenaar en schrijver. Zijn opvoeding werd toevertrouwd aan de Stoïcijn Attalus — niet zomaar een filosoof, maar iemand die bekend stond om zijn morele scherpte en retorisch meesterschap. En dat bleek geen toevallige keuze: Seneca was hongerig naar kennis, gretig om zichzelf te vormen.

Hij arriveerde als eerste in het klaslokaal en verliet het als laatste. Wat hij vooral leerde van Attalus, was niet abstractie, maar toepassing: filosofie moest praktisch zijn. Elke les moest de leerling een beter mens maken — of op zijn minst op weg zetten in die richting.

Toch lag Seneca’s pad niet in de filosofie alleen. Zijn vader had andere plannen: een politieke carrière, prestige, publieke invloed. En dus balanceerde Seneca vanaf jonge leeftijd tussen innerlijke groei en uiterlijke verwachtingen. Een evenwichtsoefening die zijn leven lang zou blijven terugkeren.

In zijn twintiger jaren werd Seneca zwaar ziek. Hij vertrok naar Egypte, waar hij bijna tien jaar herstelde. Het is in die stilte, ver van Rome, dat zijn denken zich verdiepte. Na zijn terugkeer belandde hij in een tijdperk van paranoia en wreedheid: de regimes van Tiberius en Caligula. Hij hield zich gedeisd, overleefde — tot Claudius hem in ballingschap stuurde naar Corsica.

Wat begon als een periode van isolatie, werd een vruchtbare schrijffase. Troostboeken, brieven, morele essays. Maar ironisch genoeg had ook hij troost nodig. En dus begon hij met een vorm die hem zou blijven kenmerken: brieven schrijven aan denkbeeldige vrienden. Brieven die eigenlijk gesprekken waren met zichzelf.

Acht jaar later haalde Agrippina hem terug. Seneca werd leermeester en adviseur van haar zoon Nero — een positie die even machtig als precair was. De hoop op invloed bleek grotendeels illusoir. Maar Seneca geloofde dat je niet wordt afgerekend op resultaat, maar op intentie. Als Stoïcijn vond hij dat je moet handelen waar je kunt, zelfs als de uitkomst je ontglipt.

Seneca als voorbeeld van filosofisch leiderschap onder druk
Seneca als voorbeeld van filosofisch leiderschap onder druk

Wie was Epictetus?

Waar Seneca nog het privilege had van een vrije geboorte, begon Epictetus zijn leven als slaaf. Zijn naam betekent letterlijk “verworven” — een eigendomslabel. Zijn meester, Epaphroditus, was een wrede man. De verhalen vertellen dat hij ooit het been van Epictetus verdraaide uit pure sadistische drift. Epictetus schijnt slechts te hebben opgemerkt: “Als je doorgaat, zal het breken.” En dat deed het.

Toch schreef hij later zonder rancune over zijn verleden. Wat hem is aangedaan, werd niet zijn identiteit. Hij zag zijn vrijheid niet als iets buiten hem, maar als iets wat je cultiveert in je geest. En daarin toont hij misschien wel het meest radicale inzicht van het Stoïcisme: dat geen enkele keten je innerlijke autonomie hoeft te raken.

Epictetus werd uiteindelijk een van de meest gerespecteerde leraren van zijn tijd. Zijn lessen zijn niet door hemzelf opgeschreven, maar door zijn leerling Arrian — en tóch klinken ze alsof hij je direct toespreekt. Zijn stijl is direct, scherp en zonder vertoon. Hij spreekt de mens aan op zijn verantwoordelijkheid, op zijn vermogen om zichzelf te leiden, zelfs in omstandigheden waarin alles van buitenaf lijkt te ontbreken.

Wie naar buiten kijkt, droomt; wie naar binnen kijkt, ontwaakt. ~ Carl Jung

Epictetus liet zien dat filosofie geen luxe is voor wie tijd over heeft, maar een noodzaak voor wie zichzelf wil leren dragen. Hij leerde dat de vraag niet is wat je overkomt, maar wie je wordt terwijl het gebeurt.

  • Was het een straf?
  • Een sadistische impuls?
  • Of een gewelddadige reactie op ongehoorzaamheid?
  • Misschien een zieke test van macht?

We weten het niet.

Het enige wat we weten is dat Epictetus zijn meester rustig waarschuwde: ga niet te ver. Toen het been brak, schreeuwde hij niet. Hij huilde niet. Hij keek zijn meester aan en zei slechts: “Ik heb je gewaarschuwd.”

Vanaf dat moment liep Epictetus mank. Maar hij bleef onaangetast in zijn geest. “Mankheid is een beperking van het been,” schreef hij later, “maar niet van de wil.” Zijn lichaam werd beschadigd, maar zijn innerlijke vrijheid bleef onaangetast.

Voor Epictetus lag de kern van het leven niet in wat je overkomt, maar in hoe je ermee omgaat. Het leven als toneelstuk was zijn metafoor: je kiest je rol niet — die wordt je gegeven — maar hoe je speelt, is aan jou. “Ben je arm, kreupel, een gouverneur, een gewone man?” vroeg hij. “Speel je rol zo goed mogelijk. Dat is jouw taak.”

Pas na Nero’s dood verkreeg Epictetus zijn vrijheid, volgens de Romeinse wet pas mogelijk vanaf je dertigste. Hij vertrok naar Nicopolis in Griekenland, waar hij bijna 25 jaar lang filosofie onderwees — ver van het politieke rumoer van Rome, maar dicht bij de kern van het mens-zijn.

Stoïcisme als mentale discipline in een chaotische wereld
Stoïcisme als mentale discipline in een chaotische wereld

IV. Wat zijn de vier kernwaarden van het Stoïcisme?

Moed.
Gematigdheid.
Rechtvaardigheid.
Wijsheid.

Vier eenvoudige woorden — maar een leven lang werk. Marcus Aurelius schreef: “Als je ooit iets beters tegenkomt dan rechtvaardigheid, waarheid, zelfbeheersing en moed… wees dan verbaasd.” En twintig eeuwen later hebben we veel uitgevonden — maar niets beters gevonden.

Deze vier waarden vormen het morele kompas van het Stoïcisme. Ze zijn niet bedoeld als dogma, maar als richtlijn. Elke situatie in het leven — van klein ongemak tot grote beproeving — is een uitnodiging om terug te keren naar deze fundamenten.

Moed

In de roman “All the Pretty Horses” stelt een personage de directe vraag: “Heb je cojones?”

“De wereld wil weten of je cojones hebt. Ben je moedig?”

De Stoïcijnen zouden het subtieler zeggen, maar de strekking is hetzelfde. Seneca schreef: “Wie nooit tegenslag heeft meegemaakt, heeft geen idee waartoe hij in staat is.” Het leven test ons — niet om ons te breken, maar om ons te onthullen.

Iedereen krijgt momenten waarop angst, twijfel of pijn opduikt. De vraag is: ga je ervoor staan of wend je je af? Loop je weg, of adem je in en kijk je de situatie aan zoals ze is — zonder maskers, zonder excuses?

Moed is niet bravoure. Het is niet roekeloosheid. Het is het stille besluit om op te dagen waar het ongemakkelijk wordt — en daar te blijven staan. Moed is misschien wel de eerste deugd, omdat zonder moed geen van de andere waarden lang standhoudt.

Gematigdheid

Moed is essentieel — maar nooit op zichzelf staand. Want zonder maat kan moed omslaan in roekeloosheid. En wat begint als kracht, eindigt dan als schade. Hier komt gematigdheid in beeld: de kunst van balans, van het juiste doen in de juiste mate, op het juiste moment.

Aristoteles gebruikte moed als zijn belangrijkste voorbeeld van wat hij noemde de gulden middenweg. Aan de ene kant lafheid — een tekort. Aan de andere kant roekeloosheid — een teveel. Gematigdheid zoekt het midden, niet als compromis, maar als vorm van zelfmeesterschap.

“Wij zijn wat we herhaaldelijk doen,” zei Aristoteles ook. “Dus uitmuntendheid is geen handeling, maar een gewoonte.” Epictetus sloot zich daar moeiteloos bij aan: bekwaamheid, zo zei hij, ontstaat door herhaling. Wie wil groeien, moet oefenen — elke dag, in kleine handelingen.

Het goede leven is dus geen reeks spectaculaire prestaties, maar een systeem van eenvoudige, herhaalbare keuzes. Geen magie. Geen heroïek. Slechts gewoonte, ritme en richting.

Rechtvaardigheid

Moed en gematigdheid zijn belangrijk — maar volgens de Stoïcijnen was er één deugd die alles doordrenkte: rechtvaardigheid. Want zonder rechtvaardigheid heeft moed geen richting en gematigdheid geen betekenis.

Marcus Aurelius noemde rechtvaardigheid “de bron van alle andere deugden.” En dat was geen theorie. Door de geschiedenis heen kozen Stoïcijnen voor het juiste — zelfs als dat hen alles kostte.

  • Cato pleegde zelfmoord om trouw te blijven aan de idealen van de Romeinse Republiek.
  • Thrasea en Agrippinus trotseerden Nero’s tirannie.
  • George Washington en Thomas Jefferson lieten zich inspireren door deze principes in de vorming van een nieuwe natie.
  • Thomas Wentworth Higginson leidde een regiment van Afro-Amerikaanse soldaten, geïnspireerd door Epictetus.
  • Beatrice Webb herlas Marcus Aurelius terwijl ze sociale rechtvaardigheid vormgaf in de Londense instituties.

Wat al deze figuren verbindt, is niet perfectie — maar de weigering om passief toe te kijken. Ze geloofden dat één mens het verschil kon maken. Niet door macht, maar door innerlijke oriëntatie. Rechtvaardigheid vraagt om moed, inzicht, strategie en soms: opoffering.

James Baldwin vatte deze spanning kernachtig samen:

“Je moet twee schijnbaar tegenstrijdige ideeën tegelijk vasthouden: volledige acceptatie van het leven zoals het is — en tegelijk de weigering om onrechtvaardigheid te aanvaarden in je eigen bestaan.”

Dat is precies waar de Stoïcijn zich bevindt: in de kloof tussen hoe het is en hoe het zou kunnen zijn. Niet als idealist, maar als heldere realist. En als actor. Iemand die niet alleen ziet, maar ook handelt.

Rechtvaardigheid als kern van de stoïcijnse deugdethiek
Rechtvaardigheid als kern van de stoïcijnse deugdethiek

Wijsheid

Moed, gematigdheid en rechtvaardigheid vormen het morele fundament van het Stoïcisme. Maar zonder één allesomvattende kwaliteit zouden die deugden stuurloos zijn. Die kwaliteit is wijsheid — het inzicht om te weten wanneer en hoe ze toe te passen.

Wijsheid is niet slechts kennis. Het is het vermogen om onderscheid te maken: tussen wat belangrijk is en wat afleidt, tussen wat tijdelijk is en wat blijft, tussen lawaai en betekenis. Zeno, de grondlegger van het Stoïcisme, zei ooit dat we twee oren en één mond hebben gekregen om meer te luisteren dan te spreken. Oplettendheid en terughoudendheid waren voor hem geen zwakte, maar kracht.

In onze tijd van informatieovervloed is dat onderscheid relevanter dan ooit. We hebben toegang tot alles — behalve tot wijsheid, als we haar niet actief zoeken. Epictetus waarschuwde al: “Je kunt niets leren als je denkt dat je het al weet.” Wijsheid vraagt nederigheid. Leerbereidheid. Stilte zelfs.

Daarom bleven de Stoïcijnen lezen, schrijven, herhalen. Niet om zich te onderscheiden, maar om zichzelf scherp te houden. In Marcus’ “Meditaties”, in de colleges van Epictetus, in de brieven van Seneca — maar ook in moderne toepassingen zoals James Stockdale’s overdenkingen tijdens zijn gevangenschap — leeft die traditie voort: wijsheid als dagelijkse discipline.

We hoeven geen helden te zijn. Maar we kunnen wel studenten blijven. Niet alles weten — maar bereid zijn om steeds opnieuw te leren wat telt.

Wijsheid als richtinggevende kern van de stoïcijnse praktijk
Wijsheid als richtinggevende kern van de stoïcijnse praktijk

V. Wat Zijn De Beste Boeken Over Het Stoïcisme?

Meditaties door Marcus Aurelius

Meditaties” is misschien wel het enige document in zijn soort dat ooit is gemaakt. Het zijn de privégedachten van ’s werelds machtigste man die advies geeft aan zichzelf over hoe hij moet voldoen aan de verantwoordelijkheden en verplichtingen van zijn positie. Marcus stopte bijna elke avond om een reeks spirituele oefeningen te beoefenen – herinneringen die waren ontworpen om hem nederig, geduldig, empathisch, vrijgevig en sterk te maken in het licht van wat hij ook meemaakte. Je kunt dit boek niet lezen en niet wegkomen met een zin of een regel die je volgende keer dat je in de problemen zit, niet zal helpen. Lees het, het is praktische filosofie in de praktijk.

Brieven Van Een Stoïcijn door Seneca

Terwijl Marcus voornamelijk voor zichzelf schreef, had Seneca er geen moeite mee om anderen te adviseren en te helpen. Sterker nog, dat was zijn taak – hij was de leraar van Nero, belast met het verminderen van de verschrikkelijke impulsen van een verschrikkelijke man. Zijn advies over verdriet, rijkdom, macht, religie en het leven is altijd daar wanneer je ze nodig hebt. Seneca’s brieven zijn de beste plek om te beginnen, maar de essays in “Over de Lengte van het Leven” zijn ook uitstekend.

Discoursen door Epictetus

Het is opmerkelijk dat Epictetus’ leer tot ons is gekomen. Het is alleen te danken aan een student genaamd Arrian, die wordt gecrediteerd voor het transcriberen van de lessen die hij leerde in Epictetus’ klas aan het begin van de tweede eeuw na Christus. Arrian schreef in een brief voorafgaand aan de publicatie van de “Discoursen“:

“Wat ik hem hoorde zeggen, schreef ik woord voor woord op, zo goed als ik kon, als een aantekening voor later gebruik van zijn gedachten en openhartige uitdrukkingen.”

Arrian zou die lessen gebruiken om beroemdheid te verwerven in heel Rome als politiek adviseur, militair commandant en vruchtbare auteur. Interessant genoeg bedankt Marcus in het eerste boek van “Meditaties”, getiteld “Schulden en Lessen”, een van zijn filosofieleraars, Rusticus, “voor het introduceren van me in de colleges van Epictetus – en voor het uitlenen van zijn eigen exemplaar.”

The Daily Stoic door Ryan Holiday en Stephen Hanselman

The Daily Stoic: 366 Meditaties over Wijsheid, Volharding en de Kunst van het Leven” bevat niet alleen 366 gloednieuwe vertalingen van briljante stoïcijnse passages, maar ook 366 spannende verhalen, voorbeelden en uitleg van de stoïcijnse principes van Marcus Aurelius, Seneca en Epictetus, maar ook van de minder bekende maar even wijze stoïcijnen van Zeno tot Cleanthes tot Chrysippus. Het boek neemt de lezer mee op een dagelijkse reis door de praktische, pragmatische filosofie. Elke dag biedt een nieuw stoïcijns inzicht en oefening. Door deze leer te volgen, zul je de sereniteit, zelfkennis en veerkracht vinden die je nodig hebt om goed te leven.

Het Obstakel Is De Weg door Ryan Holiday

Geïnspireerd door het Stoïcisme en de uitspraak van Marcus Aurelius – “Het belemmeren van de actie bevordert de actie. Wat in de weg staat, wordt de weg” – is “Het Obstakel Is De Weg” een inleiding tot de belangrijkste principes om te gedijen onder druk. Via historische voorbeelden van grote mannen en vrouwen leert het ons hoe we tegenspoed en moeilijkheden kunnen overwinnen, obstakels kunnen omdraaien en ons lot kunnen liefhebben, ongeacht wat het met zich meebrengt. Het boek is een cultklassieker geworden bij coaches en atleten en is te zien in prominente media zoals Sports Illustrated en ESPN.

VI. Hoe Een Stoïcijn Te Zijn: 9 Stoïcijnse Oefeningen Om Te Beginnen

1. De Dichotomie van Controle

“De voornaamste taak in het leven is eenvoudig: onderscheiden wat wel en niet in onze macht ligt. Goed en kwaad zoeken we niet buiten ons, maar in de keuzes die van ons zijn.” ~ Epictetus

De kernpraktijk binnen het Stoïcisme is misschien wel deze: leren onderscheiden. Tussen wat we kunnen beïnvloeden — en wat niet. En in die onderscheiding ligt vrijheid. Je vlucht vertraagd door een storm? Geen enkel geschreeuw op het vliegveld zal de wind keren.

De kern van Stoïcisme: controle over je keuzes, niet over de omstandigheden
De kern van Stoïcisme: controle over je keuzes, niet over de omstandigheden

Je lengte, je afkomst, de gevoelens van anderen — veel in het leven blijft buiten bereik. Wat je wél in de hand hebt: hoe je reageert. En elke minuut die je verspilt aan het gevecht tegen het onvermijdelijke, ontbreekt in de aandacht voor wat jij wél kunt vormen.

De Stoïcijnen nodigen ons uit om deze vraag dagelijks te stellen. Niet in theorie, maar in elke situatie. Wat is van mij — en wat niet? Wie dat onderscheid kan oefenen, vindt niet alleen rust, maar ook richting. Want wie zich richt op het mogelijke, wint iets wat zeldzaam is: innerlijke efficiëntie.

2. Dagboek

“De daden van generaals vervagen, maar wat blijft zijn de notities van een man die — in stilte — zijn geest vormde.” ~ Brand Blanshard

Epictetus, de voormalige slaaf. Marcus Aurelius, de keizer. Seneca, de politicus. Drie totaal verschillende levens — verbonden door één praktijk: journaling. Niet als dagboek vol gebeurtenissen, maar als oefening in innerlijk leven.

Epictetus spoorde zijn leerlingen aan om elke dag te schrijven. Filosofie, zo zei hij, moet je trainen als een spier. Seneca deed het ’s avonds. Als zijn vrouw sliep, keek hij terug: wat zei ik, wat deed ik, waar wijk ik af van wat ik wil zijn? En Marcus? Zijn “Meditaties” zijn precies dat — gedachten aan zichzelf, niet bedoeld voor publicatie, maar voor bijsturing.

In het Stoïcisme is journaling geen aanvulling — het is de filosofie. Het is voorbereiding. Reflectie. Zelfcorrectie. Een herinnering aan lessen die we anders vergeten. Een dagelijkse herhaling van wat we willen belichamen.

Niet omdat we het al kunnen, maar omdat we oefenen. Omdat herhaling transformatie is. Omdat schrijven voelen activeert, en voelen waarheid laat bezinken. En omdat je pas groeit als je jezelf durft terug te lezen.

Dat is waarom Pierre Hadot het Stoïcisme “een spirituele oefening” noemde. Geen theorie om een keer te begrijpen, maar een gewoonte om dagelijks vorm te geven. Of je nu het werk volgt van Marcus of het schema uit The Daily Stoic Journal — de vorm maakt niet uit. De toewijding wel.

Want uiteindelijk geldt: wie niet schrijft, vergeet. En wie zichzelf niet dagelijks herinnert aan wie hij wil zijn, wordt gemakkelijk iemand anders.

3. Oefen tegenspoed

“Juist in tijden van voorspoed moet de geest zich voorbereiden op tegenslag. Als het lot je gunstig gezind is, is dat het moment om je weerstand te trainen.” ~ Seneca

Seneca, die zelf leefde tussen rijkdom, macht en risico, pleitte ervoor om maandelijks enkele dagen armoede te oefenen. Niet symbolisch — maar daadwerkelijk. Eet eenvoudig. Draag je slechtste kleding. Slaap ongemakkelijk. Ervaar het verlies van comfort, bewust en vrijwillig.

Niet om jezelf te straffen, maar om te onthullen: waar was ik eigenlijk bang voor? Want comfort maakt kwetsbaar. Je raakt gehecht, afhankelijk, en daarmee bang. Maar wie tegenspoed oefent, haalt de angel uit onzekerheid.

Veel van wat we angst noemen, is simpelweg onbekendheid. We vrezen het ergste, zonder ooit ervaren te hebben of we het eigenlijk wel aankunnen. Stoïcisme daagt je uit: confronteer je angst in gedrag, niet alleen in gedachte.

Simuleer het verlies dat je vreest. Ervaar het scenario waar je je zorgen over maakt. Wat blijkt? Het ergste is zelden zo erg als je had gedacht. En wat blijkt dan nog meer? Jij bent groter dan je vrees.

4. Train je waarneming

“Kies ervoor je niet gekwetst te voelen — en je bent niet gekwetst.” ~ Marcus Aurelius

De Stoïcijnen beoefenden een radicale oefening: het obstakel omdraaien. Niet als spreuk, maar als manier van kijken. Wat als elk probleem — met genoeg afstand en helderheid — een kans is in vermomming?

Je wilt iemand helpen, maar die persoon reageert afwijzend. De les? Geduld. Begrip. Je verliest iemand dierbaars. De les? Standvastigheid. Het is geen magisch denken — het is waarnemingstraining.

Marcus Aurelius vatte het simpel samen: “Wat in de weg staat, wórdt de weg.” En dat is precies waar Stoïcijnse kracht zich toont: in het vermogen om richting te geven aan je waarneming. Niet alles is goed of slecht — het is jouw interpretatie die het label geeft.

Ook in de moderne tijd is dit denken actueel. Barack Obama, geconfronteerd met een politiek schandaal, koos er niet voor om het te sussen. Hij nam het als aanleiding om een diepgaand gesprek over ras te voeren — en veranderde het obstakel in een historisch moment van bewustwording.

Voor de Stoïcijn bestaat er geen neutrale situatie. Alles draagt de potentie in zich om karakter te vormen. Het is geen kwestie van wat er gebeurt — maar hoe jij besluit het te zien.

Want wie de eigen waarneming beheerst, beheerst de toegang tot rust, richting en kracht.

5. Onthoud: alles is vluchtig

“Alexander de Grote en zijn muilezel stierven beiden. En hetzelfde gebeurde met hen allebei.” ~ Marcus Aurelius

Marcus Aurelius had een gewoonte: zichzelf herinneren aan de vergankelijkheid van alles. Namen, daden, conflicten — zelfs grootsheid. Wat vandaag groot lijkt, is morgen stof.

“Denk aan al die mensen die ooit woedend waren, machtig, bewonderd — waar zijn ze nu? Rook. Stof. Misschien een legende. Of zelfs dat niet.”

De Stoïcijnen spraken over het overwinnen van ‘passies’ — niet in de moderne zin van enthousiasme, maar in de zin van patheiai: destructieve, irrationele emotionele bewegingen. Woede, jaloezie, obsessie. Die worden in de Stoïcijnse praktijk vervangen door eupatheiai — gezonde emotionele kwaliteiten als vreugde, rust en mildheid.

Vergankelijkheid maakt ons niet cynisch, maar helder. Alles wat je bezit, vergaat. Je successen? Tijdelijk. Je macht? Tijdelijk. Zelfs je naam. De Stoïcijn stelt dan een radicale maar eenvoudige vraag: wat blijft er wél over?

Antwoord: je houding. Je integriteit. Of je vandaag goed deed wat je kon doen. Zelfs Alexander — de man naar wie hele steden zijn vernoemd — liet diepe spijt achter. In een dronken vlaag doodde hij zijn beste vriend. Geen kaart die je naam draagt, kan dat herstellen.

Leer daarvan. Wees nederig. Richt je op wat onvervreemdbaar is: je karakter. Dat is het enige dat nooit tegen je zal keren — tenzij je het zelf loslaat.

6. Bekijk het van bovenaf

“Zoals Plato het zei: als je over mensen wil spreken, doe dat dan van bovenaf. Zie alles in samenhang — markten, rechtszalen, geboorten en sterfgevallen, oorlogen en bruiloften — allemaal tegelijk.” ~ Marcus Aurelius

Marcus oefende zich regelmatig in wat bekendstaat als het “perspectief van bovenaf”. Stel je voor: je stijgt boven jezelf uit. Je ziet niet alleen je eigen leven, maar dat van miljoenen. Niet als losstaande drama’s, maar als een ingewikkeld samenspel.

De dingen die ons bezighouden, worden klein als we uitzoomen. Luxe, status, frustratie — het blijkt decor. En ineens zie je: alles is verbonden. Alles beweegt samen. Deze oefening leidt tot twee inzichten: relativering én verbondenheid.

De Stoïcijnen noemden dat laatste sympatheia — het besef dat we deel zijn van een groter geheel. Pierre Hadot schreef dat het perspectief van bovenaf onze oordelen transformeert. Dingen verliezen gewicht — en krijgen betekenis.

Ruimtevaarder Edgar Mitchell beschreef het als een overweldigend bewustzijn van de wereld. Een gevoel van collectieve verantwoordelijkheid. Dat is wat deze oefening beoogt: niet onthechting, maar helderheid. Jij bent klein — én nodig.

7. Memento Mori: Mediteer op je sterfelijkheid

“Leef elke dag alsof het je laatste is. Stel niets uit. Wie de balans opmaakt alsof het leven eindigt, komt nooit tijd tekort.” ~ Seneca

We stellen uit. We denken dat er tijd zal zijn. Dat we ‘morgen’ nog wel kunnen veranderen, vergeven, beginnen. Maar dat is een misvatting — een gevaarlijke zelfs. De Stoïcijn herinnert zichzelf dagelijks: memento mori. Gedenk de dood.

Niet uit somberte, maar uit scherpte. De dood is niet het probleem — het vergeten dát we zullen sterven, is dat wel. Want dan leven we alsof we eindeloos kunnen uitstellen. Alsof we rijk zijn aan tijd. En dat zijn we niet.

Door te leven alsof elke dag de laatste zou kunnen zijn, verdwijnen trivialiteiten. Wat overblijft is wat er werkelijk toe doet: helderheid, daden, verbinding. Niet meer wachten. Maar spreken. Geven. Beslissen. Vragen. Stilstaan.

Wat telt, wordt zichtbaar als alles wegvalt. En dat is precies waarom sterfelijkheid geen bedreiging is — maar een kompas.

7. Memento Mori: Herinner je sterfelijkheid

“Laten we leven alsof vandaag onze laatste dag is. Niet uit angst, maar uit helderheid. Dan komen we nooit tijd tekort.” ~ Seneca

De Stoïcijnen herinnerden zichzelf dagelijks aan de dood — niet als macaber ritueel, maar als oefening in urgentie. Memento Mori betekent letterlijk: gedenk te sterven. En dus: gedenk te leven.

Seneca herhaalde het keer op keer: sterfelijkheid is geen tragisch feit, maar een moreel kompas. Het herinnert ons eraan om geen tijd te verspillen, geen onbelangrijke ruzies te laten woekeren, geen half leven te leiden. Wat telt, telt nu.

In de Romeinse tijd droegen mensen ringen of munten met de inscriptie “Memento Mori”. Niet om neerslachtig te worden, maar om wakker te blijven. Wakker voor wat er toe doet: liefde, rechtvaardigheid, moed, inzicht. En wakker voor het feit dat dit alles niet oneindig beschikbaar is.

8. Premeditatio Malorum: Denk vooruit

“Wat onverwacht komt, slaat harder toe. De wijze anticipeert op rampspoed — en verwelkomt het als mogelijkheid om te groeien.” ~ Seneca

De Stoïcijnen trainden hun geest niet alleen in terugkijken — maar ook in vooruitzien. Premeditatio Malorum, het overdenken van tegenslag, is een oefening in psychologische voorbereiding. Niet om angst aan te wakkeren, maar om weerstand op te bouwen.

Seneca beeldde zich in dat zijn schip zou zinken. Dat zijn plannen zouden mislukken. Dat zijn rijkdom verloren zou gaan. Waarom? Omdat verrassingen ons onderuit halen — maar datgene waarop we voorbereid zijn, verliezen zijn kracht.

“De wijze man,” schreef hij, “verwacht wat hij niet wenst — en rekent erop dat het kan gebeuren.” Door vooraf het worst-case scenario te overwegen, nemen we het verrassingseffect weg. En wat overblijft, is handelingsvrijheid.

9. Amor Fati: Heb lief wat is

“Heb lief wat gebeurt — het is voorbestemd. Geen hogere harmonie dan dat.” ~ Marcus Aurelius

Amor Fati — de liefde voor het lot — is misschien wel de moeilijkste, maar meest transformerende Stoïcijnse houding. Niet alleen accepteren wat er gebeurt, maar het omarmen als onderdeel van je pad. Niet proberen te veranderen wat is, maar jezelf ermee in overeenstemming brengen.

Nietzsche noemde het de formule voor grootsheid. En de Stoïcijnen leefden het al eeuwen eerder. Marcus Aurelius schreef dat een laaiend vuur alles wat erin geworpen werd, transformeert tot licht en kracht. Dat is Amor Fati: obstakels als brandstof. Teleurstellingen als materiaal. Tegenslagen als trainingsgewicht.

Epictetus zei het scherp: “Zoek niet dat de wereld zich plooit naar jouw wensen. Wens dat jij je plooit naar wat zich aandient.” Want daarin ligt de ware vrijheid: niet in controle, maar in overgave zonder verlies van richting.

Even resumeren

En hiermee zijn we aan het einde gekomen van deze reeks oefeningen. Maar laten we één ding helder houden: dit zijn geen eenmalige tips. Geen snelle inzichten voor tijdelijk gebruik. Dit zijn levenslange praktijken.

Elke oefening, van Memento Mori tot Premeditatio Malorum, is bedoeld om langzaam in te slijten — als ademhaling, als houding. Niet als afweer tegen het leven, maar als voorbereiding op hoe je het beter kunt dragen. Bewuster, wijzer, veerkrachtiger.

Stoïcisme betekent niet dat je je afsluit van de wereld. Het betekent juist dat je ten volle aanwezig bent — zonder overweldigd te raken. Het vraagt om innerlijke helderheid, juist in een wereld die voortdurend beweegt.

Ik hoop dat je iets herkent in deze oefeningen. Niet alleen als gedachte, maar als uitnodiging. Om zelf te oefenen, te vertragen, te heroverwegen. Om het leven tegemoet te treden — niet met verzet, maar met richting. En vooral: om te leven volgens je waarden, ongeacht wat er buiten je gebeurt.

Daarin schuilt ware vrijheid. En precies daar begint de echte filosofie — niet in woorden, maar in hoe je handelt. Vandaag. En morgen opnieuw.

Veel succes op je stoïcijnse reis.

“Alleen houden van wat gebeurt, wat voorbestemd was. Geen grotere harmonie.” ~ Marcus Aurelius

De Duitse filosoof Friedrich Nietzsche noemde het amor fati: liefde voor het lot. Niet het passief verdragen van wat gebeurt, maar het actief omarmen ervan. Niet klagen, niet vluchten, maar toestemmen. Omdat in die instemming kracht ontstaat — en vrijheid.

De Stoïcijnen kenden deze houding al lang. Marcus Aurelius schreef: “Een laaiend vuur maakt licht en helderheid van alles wat erin geworpen wordt.” Epictetus formuleerde het net zo scherp: “Wens niet dat dingen anders zijn — wens dat ze gebeuren zoals ze gebeuren.” Want dan, zei hij, “zul je gelukkig zijn.”

Amor fati is geen fatalisme. Het is een actieve houding, een oefening in transformatie. Te kunnen zeggen: “Dit moment — hoe moeilijk ook — hoort bij mij. En ik kies ervoor het te gebruiken.” Obstakels als brandstof. Tegenslagen als richtingaanwijzers.

VII. De krachtigste Stoïcijnse citaten

  • “We zijn vaak banger dan gekwetst; en we lijden meer van verbeelding dan van werkelijkheid.” ~ Seneca
  • “Het is dwaas om de fouten van anderen te vermijden. Probeer liever je eigen fouten te overstijgen.” ~ Marcus Aurelius
  • “Ons leven is wat onze gedachten ervan maken.” ~ Marcus Aurelius
  • “Leg je filosofie niet uit. Leef het.” ~ Epictetus
  • “Wees verdraagzaam met anderen en streng voor jezelf.” ~ Marcus Aurelius
  • “Je hebt altijd de optie om geen mening te hebben.” ~ Marcus Aurelius
  • “Verspil geen tijd met discussiëren over wat een goed mens zou zijn. Wees er één.” ~ Marcus Aurelius
  • “Je hebt macht over je geest — niet over gebeurtenissen. Daarin ligt je kracht.” ~ Marcus Aurelius
  • “Zeg eerst tegen jezelf wie je wilt zijn. Doe dan wat je moet doen.” ~ Epictetus
  • “Het zijn niet de gebeurtenissen die mensen verontrusten, maar hun oordelen daarover.” ~ Epictetus
  • “Ontvang zonder trots, laat los zonder gehechtheid.” ~ Marcus Aurelius
  • “Als iemand je bekritiseert, zeg dan: hij kent nog niet eens al mijn fouten.” ~ Epictetus
  • “Vandaag ontsnapte ik aan angst. Of beter: ik wierp het af — want het zat in mij.” ~ Marcus Aurelius

Deze uitspraken zijn geen spreuken voor op tegels. Ze zijn richtingwijzers — scherp, eenvoudig en tijdloos. Woorden om te herinneren, op momenten dat het leven schuurt of verdicht. Woorden om bij stil te staan — en om opnieuw te kiezen voor wat er werkelijk toe doet.

VIII. Fysieke Stoïcijnse herinneringen

Memento Mori-medaillon

Memento Mori-medaillon als tastbare herinnering aan vergankelijkheid
Memento Mori-medaillon als tastbare herinnering aan vergankelijkheid

In de Romeinse tijd droegen mensen objecten, sieraden of munten met de inscriptie memento mori. Niet uit zwaarte — maar als herinnering aan helderheid. Elke keer dat je het aanraakt of ziet, herinnert het je eraan: dit moment telt.

Moderne versies van deze objecten — zoals dit medaillon — bieden eenzelfde functie. Niet als modeaccessoire, maar als fysieke ankerpunten voor je geest. Zichtbare symbolen van een innerlijke praktijk.

Ons meest populaire item, het memento mori medaillon, is toegevoegd aan de dagelijkse dracht van duizenden als een letterlijke en onontkoombare herinnering dat “je het leven nu kunt verlaten”. De voorkant toont een interpretatie van de drie essenties van het bestaan: de tulp (leven), de schedel (dood) en de zandloper (tijd). De achterkant draagt een citaat van Marcus Aurelius: “Je kunt het leven nu verlaten.”

Amor Fati-medaillon

Amor Fati-medaillon met vlam en citaat van Nietzsche
Amor Fati-medaillon met vlam en citaat van Nietzsche

Amor fati (Latijn: “een liefde voor het lot”) is een mindset die je aanneemt om het beste te maken van alles wat er gebeurt: ieder moment, hoe uitdagend ook, beschouwen als iets waard om te omarmen, niet te vermijden.

De vlam aan de voorkant van dit medaillon is geïnspireerd op de tijdloze wijsheid van Marcus Aurelius: “Een laaiend vuur maakt vlam en helderheid van alles wat erin wordt gegooid.” De achterkant bevat een fragment van Friedrich Nietzsche’s radicale formule voor grootsheid: “Niet alleen dragen wat noodzakelijk is, laat staan het verbergen… maar het liefhebben.”

Gerelateerde artikelen

Veelgestelde vragen

Wat zijn stoïcijnse oefeningen?

Stoïcijnse oefeningen zijn praktische filosofische technieken om emotionele veerkracht, helderheid en innerlijke rust te ontwikkelen. Ze helpen je beter om te gaan met tegenslag, je sterfelijkheid te accepteren en bewuster te leven.

Wat is ‘Premeditatio Malorum’?

Premeditatio Malorum betekent het vooraf overdenken van mogelijke tegenslagen. Je visualiseert wat er mis kan gaan, zodat je mentaal voorbereid bent op obstakels en niet verrast wordt.

Wat betekent ‘Amor Fati’?

‘Amor Fati’ betekent liefde voor het lot. Het is een mindset waarbij je niet alleen accepteert wat er gebeurt, maar het omarmt en er beter van wordt, hoe moeilijk de situatie ook is.

Waarom mediteren op de dood (‘Memento Mori’)?

Door regelmatig stil te staan bij je sterfelijkheid, leer je het huidige moment meer te waarderen en stel je je prioriteiten scherper. Het herinnert je eraan om zinvol te leven.

Is stoïcisme emotieloos of kil?

Nee, stoïcisme gaat niet over het onderdrukken van emoties, maar over het beheersen ervan. Het draait om leven in overeenstemming met je waarden, met helderheid en innerlijke rust, zelfs in moeilijke tijden.

Wie waren beroemde stoïcijnen?

Bekende stoïcijnen zijn Marcus Aurelius (Romeins keizer), Seneca (filosoof en staatsman) en Epictetus (voormalig slaaf en leraar). Hun geschriften vormen de basis van het moderne stoïcisme.

Wat is het nut van fysieke objecten zoals medaillons?

Medaillons zoals ‘Memento Mori’ en ‘Amor Fati’ dienen als tastbare herinneringen aan stoïcijnse principes. Ze helpen om dagelijkse bewustwording en filosofische reflectie te bevorderen.

Klik op een ster om dit artikel te beoordelen!

Gemiddelde waardering / 5. Stemtelling:

Tot nu toe geen stemmen! Ben jij de eerste dit bericht waardeert?


Ontvang je gratis exemplaar van Wie Ben Jij? en krijg inzichten en updates die je helpen bij je persoonlijke groei.

"Antwoorden op de belangrijkste vraag die je jezelf kunt stellen, vanuit een spiritueel filosofisch perspectief."


Wil je een positieve bijdrage, of een eigen ervaring toevoegen aan dit artikel? Dat mag ook een gevonden spelfout zijn, of een feitelijke onjuistheid. Je bijdrage wordt sowieso zeer gewaardeerd. Red. GoodFeeling.nl 🙏🏼

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


Image Not Found

Fact checking: Nick Haenen, Spelling en grammatica: Sofie Janssen

Fact checking: Nick Haenen
&
Spelling en grammatica: 
Sofie Janssen

Vinden

Interactieve Tools

Meest Gelezen Bewustzijn voorbij de dood boek

Is de dood een muur,
of is de dood een deur?

111 Casussen • Uit 47 Landen

Is dit een universele ervaring die ras, cultuur en religie overstijgt?

Nu slechts € 5,00 Direct Downloaden
🔒 Exclusief GoodFeeling.nl Original

Niks missen?

facebook
Image Not Found

GoodFeelingnl - LIGHT - 350px
rating-goodfeeling

Gemiddelde beoordeling van onze lezers


Totaal aantal pageviews:  10.089.379
2.681 artikelen gepubliceerd sinds 1997

GoodFeeling.nl is een non-profit initiatief. We streven naar zorgvuldig beeldgebruik. Bij vragen over rechten: info@goodfeeling.nl.

© 2026 GoodFeeling.nl

Ontwerp, ontwikkeling en realisatie: Rebelics Internet & Computer Services